FAQ

FAQ

Wat staat er in een plaatsbeschrijving?

Een plaatsbeschrijving bij start huur wordt uitgevoerd in opdracht van een huurder of verhuurder. Het geeft een gedetailleerde beschrijving van de staat van het pand en vormt een duidelijk beeld van alle kamers. Je krijgt een opsomming van alle aanwezige elementen (keuken, kasten, sanitair, verlichting, gordijnen, type vloerbekleding, aantal sleutels…) en de reeds aanwezige schade (barsten, deuken, vocht, gebruiksschade…). Hoe gedetailleerder de plaatsbeschrijving wordt opgesteld, hoe minder discussie nadien.

Een plaatsbeschrijving voor aanvang werken wordt uitgevoerd in opdracht van de bouwheer, de architect of de aannemer. Ook hier is het uitermate belangrijk dat de expertise zorgvuldig en accuraat wordt uitgevoerd en dat er een volledige beschrijving wordt gemaakt van de omgeving van de werken (straat, voetpad, gevel, oprit...)

Een plaatsbeschrijving laat je best uitvoeren door een deskundig bureau zoals het Expertiseburo dat al meer dan 25 jaar ervaring heeft in dit vak.

Is een plaatsbeschrijving verplicht?

Ja, inderdaad. Sinds 2008 is het verplicht om een plaatsbeschrijving uit te voeren wanneer u als eigenaar een pand verhuurt of wanneer u als huurder een nieuw pand betrekt.

De registratie van de plaatsbeschrijving is een verplichting voor de eigenaar. Het verslag kan steeds worden toegevoegd bij het huurcontract dat reeds geregistreerd staat bij het registratiekantoor van jouw regio.

Wie moet een plaatsbeschrijving betalen?

De kosten voor een plaatsbeschrijving bij huur of verhuur moeten gedeeld worden door beide partijen: de huurder en de verhuurder in dit geval.

De kosten voor een plaatsbeschrijving voor aanvang van werken, worden betaald door de opdrachtgever van de werken. In dit geval de architect, de bouwheer of aannemer.

Plaatsbeschrijving bij einde huur

Bij het einde van een huurperiode wordt een proces-verbaal opgesteld. Er wordt dan vergeleken met het oorspronkelijke document dat opgemaakt werd bij het betrekken van het huurpand. Zo kan er makkelijk en objectief nagegaan worden of de huurder schade heeft aangericht.

Tip: Indien je als huurder kleine wijzigingen wil doen in het pand, verwittig steeds de verhuurder of het verhuurkantoor en vraag een schriftelijke toestemming. 

Wat valt onder huurschade?

Het basisprincipe is dat elke huurder verantwoordelijk is voor het goed onderhouden en instant houden van het huurpand. Veranderingen die het gevolg zijn van ouderdom of dagelijks gebruik, vormen normaal gesproken geen probleem.

Een constructieve barst in het plafond, enkele oppervlakkige strepen op de muur, een deukje in de bepleistering of verouderd behangpapier worden niet beschouwd als huurschade.

Wanneer de schade het gevolg is van een constructieve verandering, een fout of een nalatigheid, moet de huurder wel de schade herstellen of vergoeden. Een wijnvlek op de parket, gaten in de muur, glasschade of waterschade door een lek die niet gemeld werd, valt wel onder huurschade. In dit geval moet de huurder de herstelling bekostigen.

Bij huurschade is het steeds belangrijk om na te gaan bij wie de verantwoordelijkheid ligt. Als de fout bij de huurder ligt, kan een deel van de huurwaarborg gebruikt worden voor de kosten van de herstelling.

Indien huurder en verhuurder het niet eens worden over de schade en de vergoeding die daar tegenover staat, kan het geschil voorgelegd worden aan de vrederechter.

7 Tips om huurschade te voorkomen

  1. Wanneer je kleine veranderingen wil uitvoeren in het huurpand, moet je steeds de eigenaar van het huurpand op de hoogte brengen en zijn of haar schriftelijke toestemming vragen.
  2. Detecteer je een lek of vochtprobleem? Verwittig onmiddellijk de eigenaar!
  3. Badkamers en keukens worden intensief gebruikt, dus houd ze netjes (kookplaten, oven, dampkap) en kalkvrij (kranen, bad, douche, toilet).
  4. Let op met schilderwerken. Overschilder geen tegels, ramen of deuren en zorg voor een goede bescherming van de vloer, de plinten, de kasten en de muurplaatjes van de contactdozen. Vermijd ook expliciete kleuren voor de muren of bespreek dit vooraf met de eigenaar.
  5. Houd steeds de tuin, terrassen en balkons proper en onkruidvrij. Vraag steeds toestemming aan de eigenaar wanneer je planten wil verwijderen of bijplaatsen.
  6. Zorg voor de nodige controles van uw sanitaire installaties (boiler, verwarmingsketel, schouw). Op het einde van de huurperiode moet je de nodige attesten hiervan kunnen voorleggen.
  7. Wanneer je het huurpand verlaat, mag je geen afval of spullen achterlaten. Het huurpand moet volledig opgeruimd worden van de zolder tot de kelder.

Huur je een pand? Maak steeds goede afspraken met de eigenaar of het verhuurkantoor zodat je op het einde van de huurperiode zonder problemen de huurwaarborg terugkrijgt.